Preventieve stabilisatie
zondag 22 februari 2026Preventieve stabilisatie
De fase waarin het verschil wordt gemaakt
Ik zie het regelmatig gebeuren.
De druk op specialistische jeugdzorg neemt toe. Tegelijkertijd begint een groot deel van de opschalingen in een fase waarin stabilisatie nog mogelijk is.
Spanningen lopen op. Schoolverzuim neemt toe. Ouders raken overbelast. Signalen volgen elkaar sneller op. Er is nog geen acute onveiligheid, maar de balans in het gezin verschuift.
Op dat moment ontstaat de vraag:
zetten we nu preventief in, of bereiden we ons voor op opschaling?
Escalatie ontwikkelt zich langzaam
Escalatie ontstaat zelden plotseling. Ze ontwikkelt zich in patronen binnen het gezinssysteem. Wanneer die patronen niet tijdig systemisch worden bekeken, verschuift spanning geleidelijk naar crisis.
Wat eerst nog beïnvloedbaar is, wordt dan steeds moeilijker te keren.
Juist in die tussenfase ligt voor mij het verschil.
De professional als instrument
Ik ben ervan overtuigd dat de jeugd- en gezinsprofessional zelf het belangrijkste instrument is in het ondersteunen van gezinnen. Niet een methodiek op zichzelf, maar de manier waarop een professional kijkt, luistert, vertraagt en reflecteert.
Onder stress vernauwt de waarneming. Dat geldt voor ouders en jeugdigen, maar net zo goed voor professionals. Wanneer we ons daar niet bewust van zijn, reageren we sneller, scherper en minder afgestemd.
Preventieve stabilisatie vraagt daarom om reflectie.
Wat gebeurt hier echt?
Welke patronen zien we?
Wat heeft dit gezin nodig om weer in balans te komen?
Stabiliseren vóór escaleren
In de fase waarin nog geen crisis is, kan veel worden gewonnen. Door het hele systeem in kaart te brengen, draagkracht te versterken en structuur te herstellen, ontstaat vaak:
– meer rust binnen het gezin
– minder druk op betrokken professionals
– minder noodzaak tot specialistische opschaling
Preventieve inzet is geen lichte vorm van hulp. Het vraagt duidelijke stabilisatiecriteria, transparante samenwerking en professionele verantwoordelijkheid.
Maar wanneer die voorwaarden aanwezig zijn, blijkt opschaling niet altijd noodzakelijk.
Blijven leren
Voor mij betekent kwaliteit ook dat we als professionals én als organisatie blijven leren. Reflectie stopt niet bij het gezin; die begint bij onszelf. Wat zien we? Wat missen we? Waar reageren we automatisch?
Binnen Collectief Draagkracht voer ik graag dat gesprek. Over die tussenfase. Over stabilisatie. Over hoe we samen kunnen voorkomen dat spanning onnodig uitgroeit tot crisis.
De vraag is voor mij niet alleen: wanneer schalen we op?
De vraag is: hebben we alles gedaan om stabilisatie mogelijk te maken?
Wil je hierover sparren of jouw ervaring delen?
Binnen Collectief Draagkracht is ruimte voor dat gesprek.



